Waarom: De marktpositie moet worden verbeterd

De positie van pluimveehouders in de voedselketen is zwak. De prijsvorming ligt aan het einde van de keten – bij supermarkten en industrie – terwijl de pluimveehouder steeds meer is gereduceerd tot prijsnemer en grondstoffenleverancier.

Ondertussen stegen de kosten jaarlijks, maar werd het aandeel van de consumentenprijs dat op het boerenerf terechtkomt steeds kleiner. Schaalvergroting en efficiënt produceren waren het antwoord, maar die koers heeft haar grens bereikt. De rek is eruit.

Een paar procent hogere consumentenprijs kan een wereld van verschil maken – mits de marges eerlijker worden verdeeld. Want: wie kan delen, kan vermenigvuldigen.

 

lineair_keten

Ambities

  • Structureel verbeteren positie pluimveehouder, doordat deze wordt betrokken bij afspraken en prijsvorming aan het eind van de keten.
  • Toekomstbestendige pluimveehouderij, met een winstgevende prijs en eerlijke verdeling van marges.
  • Ruimte voor investeringen in verdere verduurzaming. Samen groen doen en zwart staan!
  • Zoveel mogelijk behouden van ondernemerschap en keuzevrijheid.
  • Veel tevreden leden en ketenpartners.

Kerndoel

De UPP wil de marktpositie van pluimveehouders blijvend versterken, zodat er ruimte is en blijft voor een toekomstbestendige en winstgevende pluimveehouderij die kan investeren in verduurzaming volgens de wensen van markt en maatschappij, op basis van eerlijke marges en goede samenwerking met ketenpartners.

Aandeel van consumentenprijs voor producent alsmaar kleiner

De maatschappij stelt steeds hogere eisen aan de pluimveehouderij. De sector wil daar graag aan voldoen, maar liep tegen beperkingen aan van de dominante lineaire ketenstructuur met de pluimveehouder als prijsnemer.

De afgelopen 50 jaar wijzigden de nominale prijzen voor pluimveevlees en eieren amper, waardoor de reële prijzen gecorrigeerd voor inflatie daalden. Sinds 2022-2023 zien we daarin een kentering.

Het aandeel van de consumentenprijs dat op het boerenerf terecht kwam werd alsmaar kleiner, dat gold voor praktisch alle landbouwsectoren, ook voor de pluimveesector. TopAgrar bracht dat in 2022 in beeld voor de Duitse landbouw. Deze uitkomsten zijn 1-op-1 te vertalen naar andere landen.

TopAgrar

Het knelde in de keten

In het verleden werden extra kosten voor innovatie en verduurzaming van de pluimveehouderij opgevangen door schaalvergroting en efficiëntieslagen (verhogen productiviteit). Hier is echter de rek uit, waardoor het tot voor kort alsmaar meer knelde in de keten.

Dit knellen uitte zich het eerst bij de schakel met de minste zeggenschap, de primaire producent die - op grotere afstand van klant en consument - steeds meer is gaan fungeren als prijsnemer en grondstoffenleverancier. In de oorspronkelijke situatie (voor de oprichting van de UPP) was er voor het overgrote deel van de pluimveehouders onvoldoende ruimte om te blijven investeren in verdere verduurzaming. Met grote uitgaven die gedurende een periode van 15-20 jaar terugverdiend moeten worden.

Hoog tijd voor ketenkracht

Waar in de ‘normale wereld’ extra eisen, stijgende kosten en een hoger risico samengaan met een hogere verkoopprijs, is dit voor de pluimveehouderij allerminst vanzelfsprekend. Meestal zien we dat een toeslag snel terugloopt. Extra kosten worden na verloop van tijd steeds minder gedekt vanuit de verkoopprijs. Dit verzwakt uiteindelijk de hele keten, vermindert de ruimte voor innovatie en zet een rem op innovatie en verduurzaming. Daarom was het hoog tijd voor verandering, met de oprichting van de UPP - werken we aan meer ketenkracht.

Samen sterk voor ketenkracht en een

duurzaam verdienmodel